A- A A+

Gevolgen

 

De gevolgen van hersenletsel worden voornamelijk bepaald door de plaats, de ernst en de omvang van het aangedane deel van de hersenen en niet door de oorzaak.

De mogelijke gevolgen kunnen worden verdeeld in lichamelijke en psychische gevolgen. De lichamelijke en psychische gevolgen kunnen in verschillende combinaties voorkomen waardoor ze kunnen leiden tot grote problemen bij de diverse activiteiten.

 

Lichamelijke gevolgen

 

Ook hiervoor geldt dat de gevolgen afhankelijk zijn van de locatie en de ernst van de beschadiging en zich dus op diverse gebieden kunnen uiten. Het meest bekend zijn de gevolgen op motorisch gebied ( het bewegen): de halfzijdige verlamming, spasme, coördinatie en bewegingsstoornissen ( onwillekeurige bewegingen) etc.

 

Daarnaast kunnen er ook verstoringen ontstaan op het gebied van de sensibiliteit ( het gevoel), op zintuiglijk gebied ( zien, horen, smaak, ruiken) en vegetatieve functies

( stofwisseling, bloedsomloop, ademhaling, spijsvertering). Ook moeheid vormt een veelgehoorde klacht na hersenletsel.

 

Psychische gevolgen

 

Stoornissen in aandacht, concentratie, geheugen

Stoornissen op deze gebieden komt regelmatig voor na hersenletsel. Deze stoornissen kunnen na verloop van tijd minder worden of zelfs herstellen.

 

Stoornis in de oriëntatie in ruimte, tijd en persoon

Deze stoornis kan langdurig aanwezig zijn en werkt sterk beperkend in het sociale leven.

 

Onvermogen tot plannen en organiseren

Het aanpassingsvermogen wordt hierdoor verminderd.

 

Verminderd of geen ziekte-inzicht

ziekte-inzicht is van wezenlijk belang voor het slagen van de behandeling. Daarnaast kan het bijdragen aan spanningen tussen de getroffene en diens omgeving.

 

Emotionele veranderingen ( komen regelmatig voor)

emotionele vervlakking ( weinig diepgang in emoties), emotionele labiliteit ( huilen zonder aanleiding) stemmings- en gedragsveranderingen ( achterdocht, argwaan).

 

Persoonlijkheidsveranderingen

apathie (= initiatiefvermindering), ontremd gedrag, verhoogde prikkelbaarheid, agressieve reacties.

Het karakteristieke gedrag van de persoon is veranderd. Afasie ( taalstoornissen), agnosie ( onvermogen een voorwerp te herkennen) en apraxie ( onvermogen om een doelbewuste handeling uit te voeren).

 

Psychiatrische stoornissen

( angststoornissen, stemmingsstoornissen, posttraumatische stressstoornis , psychose).

Deze stoornissen komen incidenteel voor en kunnen worden behandeld door een psychiater.

 

De omvang, ernst en duur van de gevolgen zijn bij iedereen anders en het is lastig om vooraf een prognose te geven over de mate van herstel.

Veel mensen met een vorm van hersenletsel gaan na een ziekenhuisbezoek of –opname naar huis. Een deel met een verwijzing voor verdere behandeling in een revalidatiecentrum of verpleeghuis. Een ander deel zonder advies/verwijzing voor verdere behandeling. Dit laatste betekent vaak niet dat er geen beperkingen of gevolgen zijn van het hersenletsel.

 

Mocht u de indruk hebben dat er sprake is van een of meerdere van bovenstaande gevolgen van hersenletsel neemt u dan contact op met uw huisarts en informeer naar behandelmogelijkheden. Kijk ook bij: Instrumenten om NAH te herkennen.


 

Logo ontwerp: Michiel van de Kimmenade, leerling ROC - iCare Webdesign 2017